HERHALINGSTEKENS



In een muziekstuk worden vaak herhalingstekens gebruikt.
De gewone herhalingstekens herken je aan een dikke streep, een dunne streep en twee puntjes.

Vaak wordt er bij een herhalingsteken gebruik gemaakt van vakje 1 en vakje 2 (1-tje - 2-tje).
Je ziet ze in het voorbeeld.
Bij deze aanduiding moet je bij de herhaling vakje 1 overslaan en verder gaan bij vakje 2.



In het grote notenvoorbeeld zie je ook de aanduiding Da Capo al Fine staan.
Dit betekent: vanaf het begin en stoppen bij de aanduiding Fine (=einde). Vaak wordt de aanduiding opgeschreven als D.C. al Fine.

Het Segno-teken komt ook vaak voor. Vaak wordt er dan geschreven: Dal al Fine (Dal Segno al Fine).
Dit betekent: vanaf het teken en dan tot Fine.

De aanduiding Da Capo al Coda betekent dat je vanaf het begin weer moet herhalen en door moet spelen tot het coda-teken.
Daar vandaan sla je het tussenliggende gedeelte over en ga je meteen door naar het Coda. Het Coda is het slotdeel van een muziekstuk.