Gythio ligt in Lakonia, in het zuiden van de Peloponnesos. Het gebied ten zuiden van Gythio, de "middelvinger" van de Peloponnesos wordt de "Mani" genoemd. Gythio is de grootste plaats in dit gebied. In de zomer is het er behoorlijk druk, maar in voor- en najaar is er eigenlijk niet zoveel te doen.

In het noorden van de stad zie je nog het oude theater en de ruïnes van de akropolis. In het theater worden in de zomer muziek- en theatervoorstellingen gegeven. Aan de zuidkant ligt het eiland Kranai, met in het midden de Tzannetakis toren. Het eilandje is volgens de verhalen de plaats waar Helena met haar geliefde de nacht doorbracht, nadat ze gevlucht waren voor Menelaos. Dit werd de aanleiding tot het begin van de Trojaanse oorlog.

De havenstad Gythio telt ongeveer 5000 inwoners en is een leuke plek om te bezoeken. Vooral het gebied rond de haven is erg aantrekkelijk, omdat je daar op veel plaatsen terecht kunt voor een hapje en een drankje.

In de oudheid gebruikten de Spartanen Gythio als haven en als basis voor hun vloot. Welvaart werd verkregen door de Romeinen, die purperslakken exporteerden. Met de kleurstof die hieruit werd verkregen konden stoffen worden voorzien van de populaire kleur purper.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog werden vanuit de haven van Gythio eikels vervoerd, die werden gebruikt in de leerlooierij. Ze werden door vrouwen en kinderen verzameld in de bossen in de buurt.

Tegenwoordig vertrekt er een veerboot van Gythio naar de eilanden Kythira en Kreta. De plaatselijk bevolking leeft voornamelijk van de olijfoogst en het toerisme.

Wanneer je van Gythio langs de kust naar het noord-oosten rijdt, in de richting van Skala en Vlachiotis, kom je langs het scheepswrak van de "Dimitrios". Net als het scheepswrak van Zakynthos is ook deze mooie roestbak een fotogeniek object in de prachtige omgeving.

Op de foto zie je op de achtergrond de bergen die in het midden van de "rechter vinger" van de Peloponnesos liggen. Dit is het gebied waar Molai en Metamorfossi liggen.