De muziek voor cello
wordt genoteerd in de F-sleutel en soms in G- of tenorsleutel.
Notatie en klank zijn gelijk.
De cello heeft 4 snaren, in kwinten gestemd en klinkt een oktaaf lager dan de altviool:
C - G - d° - a°.
De voorloper van de cello was de viola da gamba (letterlijk: beenviool)